Extra impuls voor biocontrol: hoe het Ctgb werkt aan snellere markttoegang van groene middelen

Met extra financiering vanuit het ministerie van LVVN krijgt het Ctgb meer ruimte om de toelating van biocontrolmiddelen te versnellen. Dat is nodig, want deze ‘groene middelen’ spelen een cruciale rol in de transitie naar weerbare teelten, maar bereiken boeren en telers in Europa nu nog te laat. Het Ctgb zet in op verbeterde beoordelingskaders, Europese samenwerking en capaciteitsopbouw om veilige en effectieve biocontrol sneller beschikbaar te maken.

Biocontrol als sleutel voor weerbare en duurzame teelten

Om de landbouw te verduurzamen en toe te werken naar weerbare teelten, zijn effectieve en veilige alternatieven voor chemische gewasbeschermingsmiddelen van groot belang. Biocontrolmiddelen – ook wel ‘groene middelen’ genoemd – spelen daarin een sleutelrol. Het aandeel van deze middelen groeit snel, maar zijn op korte termijn nog niet altijd beschikbaar voor boeren en telers.

Europese procedures remmen de beschikbaarheid van biocontrolmiddelen

De huidige EU‑beoordelingskaders zijn primair ingericht op chemische middelen en sluiten onvoldoende aan bij de eigenschappen van biocontrol. Dit leidt tot lange beoordelingsprocedures, zowel op het niveau van de werkzame stof als op het niveau van het middel zelf.

Het Ctgb heeft in Nederland al stappen gezet om procedures efficiënter te maken, onder andere via het Verduurzamingsloket en de versnelde routes voor laagrisicomiddelen voor zowel kleine als grote toepassingen. Uitbreidingen van de grote toepassingen kunnen gedurende de looptijd van het Uitvoeringsprogramma als kleine toepassing worden beoordeeld en toegelaten, ongeacht het areaal. Daarmee wordt de ruimte binnen de bestaande kaders gebruikt om duurzame middelen sneller toe te laten. Maar om echt te versnellen is er met name op Europees niveau meer nodig.

Drie samenhangende oplossingen om biocontrol te versnellen

Eerder heeft het Ctgb de drie oplossingsrichtingen geschetst die nodig zijn om te versnellen, namelijk:

  1. Het gericht aanpassen van de EU-wetgeving voor biocontrol waarbij ook voor het eerst een definitie voor biocontrol gewasbeschermingsmiddelen wordt opgenomen. Het proces voor deze aanpassingen is gaande via één van de zogenaamde Omnibus voorstellen. Maar naast de voorstellen van de omnibus is er meer nodig:
  2. Het verbeteren van het toetsingskader en de procedures voor biocontrol om te zorgen dat ook de werkzame stoffen die nodig zijn voor biocontrolmiddelen sneller goedgekeurd kunnen worden in Europa. Het Ctgb draagt hier actief aan bij. Een voorbeeld is ons voorstel voor een nieuwe aanpak voor de beoordeling, die aangepast is aan de eigenschappen van biocontrol stoffen.
  3. Het vergroten van de Europese beoordelingscapaciteit. Het Ctgb heeft hier eerder al aan bijgedragen door collega-beoordelaars van andere lidstaten te trainen, zoals bij een door de Europese Commissie gefinancierde Better Training for Safer Food cursus.  

Met het aangenomen amendement van kamerleden Podt (D66) en Bromet (Progressief Nederland) voor extra financiering voor het Ctgb om biocontrol te versnellen, wordt een extra impuls gegeven aan alle drie oplossingsrichtingen.