Een transitie kan alleen lukken als we weten hoe het nu gaat. Welke keuzes maakt een agrarisch ondernemer voor gewasbescherming? En hoe hangen die keuzes samen met het gedrag van alle andere spelers in zijn omgeving? Hierbij gaat het om publieke -, private – en maatschappelijke partijen. Alle partijen moeten acties doorvoeren om de keuzes en de praktijk van de teler te veranderen.
Publieke partijen
- Rijksoverheid
- Provincies, waterschappen en drinkwaterbedrijven

Beeld: © Ivo Vrancken/Beeldmaker
Akkerland
Het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) zorgt vanuit de rijksoverheid voor de regie over de transitie naar weerbare planten en teeltsystemen.
De overheid dient het publieke belang. Dat doet zij regels op te stellen voor de maatschappij. Daarvoor gebruikt zij de wet- en regelgeving. Bijvoorbeeld bij het toelaten van gewasbeschermingsmiddelen en normen voor waterkwaliteit. Ook houdt zij toezicht en handhaaft zij. De overheid stimuleert ook het ontwikkelen van een sterke en innovatieve land- en tuinbouw. Zij zorgt ook voor het behoud van biodiversiteit. En zij houdt rekening met zorgen uit de maatschappij. De uitdaging voor de Rijksoverheid is om hierin een win-win situatie te creëren.
De overheid stimuleert en faciliteert de ontwikkeling van weerbare planten en teeltsystemen. Dat bestaat uit een totaalpakket van teelt- en gewasbeschermingsmaatregelen. Tegelijk zet de Rijksoverheid zich in voor spelregels in de Europese Unie en waar mogelijk daarbuiten. Hierdoor moet het voor de agrarisch ondernemer mogelijk zijn om gezonde gewassen te verbouwen en te concurreren op een internationale markt.
Provincies, waterschappen en drinkwaterbedrijven hebben vaak last van de uitstoot van gewasbeschermingsmiddelen. Deze komen in de bodem en het water terecht.
De waterschappen zijn verantwoordelijk voor de kwaliteit en kwantiteit van het water. De provincies zijn verantwoordelijk voor het diepe grondwater. Hiervan wordt drinkwater gemaakt. Waterschappen en provincies handhaven regels en geven vergunningen.
Voor drinkwaterbedrijven is bescherming van drinkwaterbronnen belangrijk. Dit is nodig voor schoon en veilig drinkwater. Voor goede waterkwaliteit is het belangrijk om uitstoot van gewasbeschermingsmiddelen te voorkomen. Hiervoor gelden eisen uit de Kaderrichtlijn Water. Hierin staan doelen en kwaliteitseisen voor oppervlakte- en drinkwater.
Private partijen
- Agrarisch ondernemers
- Adviseurs
- Producenten van gewasbeschermingsmiddelen
- Veredelaars en leveranciers van uitgangsmateriaal
- Afnemers en andere ketenpartijen
- Loonwerkers
- Leveranciers van technieken

Beeld: © Yolanda van Koppen
Kassen
Agrarisch ondernemers concurreren in een wereldmarkt, vooral op prijs en kwaliteit. De belangrijkste uitdaging is om de kostprijs per kilo product zo laag mogelijk te houden. En de kwaliteit zo hoog mogelijk. Het gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen blijft hierbij nodig, ook bij geïntegreerde gewasbescherming. En voor het ondersteunen van biologische bestrijding van ziekten en plagen. Toch is het belangrijk dat agrarisch ondernemers kiezen voor weerbare teeltsystemen, weerbare rassen en bestrijding met een zo laag mogelijke milieulast.
De plaag- en ziektedruk verandert door de jaren heen. Ook de beschikbaarheid van toegelaten middelen verandert sterk. Een adviseur ondersteunt de agrarisch ondernemer bij het realiseren van een gezond gewas. Worden weerbare en duurzame teeltsystemen leidend? Dan moet het verminderen van de inzet van chemische gewasbeschermingsmiddelen belangrijker worden in het advies voor de agrarisch ondernemer.
Producenten van gewasbeschermingsmiddelen hebben te maken met complexe toelatingsprocedures, lange doorlooptijden en regelgeving. Daardoor kost het veel tijd en geld om de middelen op de markt te brengen. Ook is er veel kennis nodig van de verschillende teeltsystemen en technologieën voor precisiemonitoring- en toepassing. Voor investeringen in weerbare systemen is vertrouwen nodig in stabiele regelgeving. Ook is hiervoor experimenteerruimte nodig.

Beeld: © Plantum
Veredelen van sla
Door minder toelatingen van gewasbeschermingsmiddelen wordt de vraag naar weerbare teeltsystemen groter. Maar de ontwikkeling hiernaar is relatief nieuw. Dat zal waarschijnlijk nieuwe eisen stellen aan rassen en uitgangsmateriaal, zoals zaden, planten, bollen en knollen. De veredelingsbedrijven en producenten van uitgangsmateriaal zullen hierop in moeten spelen.
Er zijn veel verschillende afnemers van plantaardige producten in Nederland. Van industriële verwerkers van aardappelen tot de lokale groenteboer en van bloembollen tot kasgroenten. Deze afnemers verduurzamen allemaal op hun eigen manier. Maar verduurzamen kost de agrarisch ondernemer extra inspanningen en investeringen. Dit kan spanningen opleveren met de consument die erg prijsbewust is. Dus de afnemers moeten agrarisch ondernemers helpen om zichtbaarder te worden. En waarderen dat zij zich inspannen om goede en milieuvriendelijke producten te produceren.

Beeld: © LNV
Loonwerk op akker
Voor het zaaien, planten en oogsten van andere teeltsystemen zijn drastische aanpassingen nodig. Dit kost de loonwerkers waarschijnlijk meer tijd. In overleg met de agrarisch ondernemer moeten de loonwerkers de bedrijfsvoering zo kostenefficiënt mogelijk omvormen. Daarbij werken zij steeds meer met niet-chemische technische maatregelen, laag-risico middelen of een combinatie daarvan. Het is belangrijk dat de ondernemers hun medewerkers de vaardigheden en kennis geven die hierbij verwacht wordt. Daarbij gaat het om meer kennis over de bodem en waterhuishouding.

Beeld: © Royal Brinkman
De technieken voor het monitoren, detecteren en (preventief) toedienen van gewasbeschermingsmiddelen worden steeds preciezer en automatischer. De grote uitdaging voor de machineleveranciers is om detectie- en toedieningssystemen te leveren die plant- en plaats-specifiek zijn. Hierbij moet slim gebruik worden gemaakt van data. Dan is het mogelijk een forse vermindering van het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen te krijgen. De techniekleveranciers investeren als er duidelijkheid is over marktvolume en gebruikszekerheid over langere tijd.
Maatschappelijke partijen
Maatschappelijke partijen zoals milieuorganisaties letten op de maatschappelijke belangen. En ze zorgen voor mens en milieu.
De biodiversiteit staat onder druk in de sterk gespecialiseerde plantaardige productie. Daarbij wordt vaak een verband gelegd tussen het wel of niet gebruiken van specifieke middelen. Ook kan de blootstelling van omwonenden aan gewasbeschermingsmiddelen leiden tot zorgen over de gezondheid.
Maatschappelijke partijen zoals milieuorganisaties spelen een rol om deze zorgen onder de aandacht te brengen. Het meenemen van deze belangen en zorgen in het Uitvoeringsprogramma zorgt voor meer draagvlak. En het helpt bij de dialoog over de dilemma’s die daarbij een rol spelen.
